Inbreng in het Algemeen Overleg over de sollicitatieplicht voor oudere werknemers 57.5 jaar en ouder

  We kunnen er lang of kort over spreken maar het is van groot belang dat oudere werknemers actief blijven op de arbeidsmarkt. I.v.m. het draagvlak voor onze sociale zekerheid en met de toenemende en komende vergrijzing zullen we in Nederland domweg prioriteit moeten geven aan arbeidsparticipatie, ook van oudere werknemers.  De commentator van de Volkskrant van gister heeft precies begrepen waar het voor het CDA om gaat.  Het is voor het betaalbaar houden van onze sociale zekerheid van levensbelang het draagvlak van premiebetalers te vergroten. Primair moet bij vakbonden, werkgevers en natuurlijk niet te vergeten onze burgers zelf het normaal worden dat het arbeidzame leven langer duurt dan 55 of 58 jaar. Dit vereist een cultuuromslag bij alle partijen. Maar niet alleen via cultuuromslag ook via maatregelen om deze tendens tot langer werken te stimuleren. Maatregelen van het kabinet om dit te stimuleren verdienen dan ook onze steun. Dat kan in positieve zin door de leeftijdsdiscriminatie te bestrijden en premievrijstelling werkloosheidslasten te verlenen aan werkgevers die oudere werknemers in dienst nemen en in dienst houden en dat kan in prikkelende, stimulerende zin door o.a. niet meer vrijstelling te verlenen van sollicitatieplicht voor oudere werknemers vanaf 57,5 jaar die in de WW zijn geraakt. Dat past in de lijn om oudere werknemers aan het werk te houden. De CDA fractie heeft hierbij wel enkele kanttekeningen te maken.

In de eerste plaats: wanneer een oudere werknemer uit de doelgroep bij het CWI komt i.v.m. zijn uitkering, moeten we van het CWI kunnen verwachten dat ze actief aan de slag gaan om ook deze werknemer zo goed mogelijk in staat te stellen opnieuw werk te vinden. De prestatie die wij van de werkzoekende vragen i.v.m. sollicitatieplicht vertaalt zich in een actieve houding van het CWI om ook daadwerkelijk resultaat te bereiken. Dit is best mogelijk:uitzendbureauís die speciaal ouderen bemiddelen laten succesvolle resultaten zien. Welke stappen gaat de minister concreet nemen om de zorgen dat het CWI vanaf dag 1 actief zich inzet voor de oudere werknemer?

Dan enkele opmerkingen over mogelijke vrijstelling van de sollicitatieplicht. Het lukt niet iedereen om aan de slag te komen. Laten we reŽel zijn: eigenlijk alleen mensen met recente werkervaring maken nog een behoorlijke kans. Mensen die in de WW komen of daar nog maar kort inzitten, voldoen per definitie aan dit criterium. De uitzonderingen op de sollicitatieplicht van mensen die voor jl. januari langer dan een jaar werkloos waren of ex-WAO-ers van 57,5 jaar zijn terecht, omdat ze weinig kansen hebben nu ze verder van de arbeidsmarkt afstaan en zo zou een sollicitatieplicht een wekelijks terugkerend, maar verder weinig opleverende klus zijn.

Daarnaast geeft de Regeling nog enkele uitzonderingen aan i.v.m. scholing bijv. De reactie van de minister op het verzoek van het CDA tijdens de begrotingsbehandeling SZW ook nog andere categorieŽn in aanmerking te laten komen voor ontheffing van de sollicitatieplicht spreekt mijn fractie niet aan. De minister spreekt in de brief uit dat vrijwilligerswerk alleen in aanmerking komt voor een vrijstelling, wanneer dit als opstap kan worden gezien naar werk en niet als grond voor het niet solliciteren naar werk. Mijn fractie is van dit laatste niet overtuigd. Vrijwilligerswerk, ook al is dat niet direct een opstap naar betaald werk kan als zeer zinvolle bijdrage aan onze samenleving worden gezien. Wanneer dit vrijwilligerswerk een structureel karakter heeft binnen de dagbesteding van de werknemer 57+, dan zou naar het idee van mijn fractie hiervoor vrijstelling moeten gelden. Hetzelfde geldt voor andere soorten maatschappelijk relevant werk. In een periode als deze waarin de werkloosheid toeneemt, waarin oudere werknemers weliswaar worden gestimuleerd betaald werk te verrichten kan op grond van sociale, medische en maatschappelijke overwegingen heel goed gefundeerd worden dat hun tijd, ook al vertaalt zich dat niet in betaald werk, zeer zinvol besteed is.

Mutatis mutandis geldt hetzelfde voor mantelzorgers. Uiteraard hoeft mantelzorg geen belemmering te zijn voor betaald werk. Dat geldt voor alle werknemers, ook jonger dan 57 jaar. De minister is van mening dat de WW voldoende mogelijkheden biedt voor de individuele mogelijkheden van de mantelzorger naast betaald werk en schrijft o.m. dat mantelzorg niet zozeer het solliciteren, als wel het aanvaarden van werk in de weg staat. In de praktijk is dit moeilijk te effectueren. Op grond van welke criteria besluit het UWV een dergelijke vrijstelling te hanteren? Een sollicitatieplicht kan alleen effect hebben als het zinvol is, anders is het een handelingl waar noch de werknemer noch het bedrijf waarnaar gesolliciteerd wordt op zit te wachten.

Voorzitter, wij zouden de minister willen vragen een titel te formuleren om daarmee het UWV een handvat in handen te geven vrijstelling te geven van sollicitatieplicht met als randvoorwaarden:

Het gaat uitsluitend om WW-ers van 57,5 jaar en ouder

bulletZij hebben een jaar lang vruchteloos gesolliciteerd.
bulletHebben via vrijwilligerswerk, ander maatschappelijk relevant werk of mantelzorg een structurele en zinvolle dagbesteding en weinig of geen perspectief op de arbeidsmarkt
bulletDeze vrijstelling te verlenen van de sollicitatieplicht uitsluitend gedurende de periode dat ze deze bezigheden verrichten, met behoud van uitkering.

We stellen tevens voor na een jaar of 2 ŗ 3 een evaluatiemoment in te bouwen om te kijken hoe een en ander in de praktijk gaat en of er sprake is van eventueel ongewenste effecten of precedenten.

Dan willen we de minister vragen naar zijn mening over de lengte van het arbeidzame leven. Wij krijgen mailtjes van mensen van boven de 57, 5 jaar die 40 jaar, ja zelfs 46 jaar onafgebroken gewerkt hebben. Mensen die dus rond hun 15e of 16e jaar zijn begonnen met werken. Hun idee: heb ik nu nog niet lang genoeg gewerkt. Voorzitter, ik zou hierover de mening van de minister wel eens willen horen: zouden we niet eens kunnen nadenken om de grens bij bijvoorbeeld 45 jaar te leggen. Iemand die na zijn 57e jaar werkloos wordt en 45 jaar onafgebroken heeft gewerkt, is zo vroeg in zijn jeugd begonnen en heeft zolang zijn steentje bijgedragen aan de samenleving, dat het inderdaad genoeg zou kunnen zijn.

 

Tenslotte, het ontgaat ons waarom er maatregelen zijn genomen om het aantal vakantiedagen terug te brengen van 13 naar 4 weken. Twintig dagen vakantie is zelfs minder dan menig werknemer heeft. Graag een reactie van de minister.