Werkbezoek aan De Dreei en De Leite

Op beide dagen werden ook verschillende locaties bezocht. De CDA delegatie was zeer onder de indruk van de wijze waarop deze vorm van hulpverlening in Drenthe gestalte krijgt.

De Dreei verzorgt zowel ambulante zorg (bijv. families first als opvoedingsondersteuning voor ouders) als ook 24-uurs opvang in woonvormen. Zo bezocht de delegatie een woonhuis aan de RŲntgenhof in Hoogeveen, waar 7 jongeren wonen tussen 10 en 14 jaar. Zij gaan gewoon naar school en de specifieke behandeling vindt plaats wanneer ze thuis komen. Het gaat om een categorie licht verstandelijk gehandicapte jongeren die alle vaardigheden zorgvuldig aangeleerd moeten krijgen en voor wie een vaste dagstructuur zeer belangrijk is. Overigens gold dit vereiste van vast dagritme voor alle cliŽnten van beide organisaties. Zo bezocht de delegatie een woning in een Hoogeveense wijk en vervolgens een prachtig onderkomen waarin jongeren een tijdlang verblijven. Zij gaan in hetzelfde gebouw naar school. Deze jongeren lopen er vaak tegen onbegrip aan, omdat aan hen niet zichtbaar dat ze gehandicapt zijn.

In de Leite werd een kinderdagcentrum bezocht, De Arkel. In kleine groepjes verdeeld, verbleef de delegatie een kwartiertje in ťťn van de groepen, waaruit duidelijk bleek hoeveel zorg deze kinderen nodig hebben. In de Arkel wordt geprobeerd zo zinvol mogelijke dagbesteding aan te bieden, soms ook in overleg met de school voor speciaal onderwijs. Daarna ging de delegatie naar de Valkenhof, dagbestedingscentrum voor ouderen. Tenslotte werd de lunch gebruikt in de Koffiemolen in Assen. Deze tearoom wordt gerund door cliŽnten van De Leite en zij betoonden zich ware gastheer en gastvrouw. Ook de cliŽntenraad van De Leite was hier aanwezig en sprak over de specifieke problemen waar men tegenaan loopt in deze tijd van bezuinigingen. Uit de gesprekken bleek duidelijk dat vermaatschappelijking van de zorg, d.w.z. binnen de "normale maatschappij"wonen wel zijn grenzen kent.

"Je moet cliŽnten wel uitdagen en prikkelen tot hun mogelijke ontwikkeling, maar niet overschatten, ", zo was de conclusie van Margreeth Smilde. Zij constateerde ook een breed gevoel van samenwerking binnen Drenthe tussen bijv. De Dreei en MEE Drenthe.